Stichting
Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het
Buitenland Jaaroverzicht 2007 Inleiding Het jaar 2007 kenmerkte zich op
bestuurlijk niveau door rust. Er vonden geen mutaties
plaats in het bestuur. Wel werd uit kostenoverwegingen de
officiële vestiging van de Stichting in februari 2007
overgebracht van den Haag naar het adres Eldrikseweg 1,
6968 BR in Angerlo. Voorafgaand aan de zitting van de
Raad van State over de hoogte van de bijdragen kwam het
bestuur op 25 maart 2007 bijeen in Den Haag. In deze
vergadering werden ondermeer de jaarstukken over het jaar
2006 vastgesteld. In de loop van het jaar vonden de
noodzakelijke contacten tussen de bestuursleden plaats
via email en per telefoon. Processen Zowel voor het keuzerecht als voor
de hoogte van de bijdrage werden in 2006 een aantal
proefpersonen geselecteerd die een bezwaarschrift hadden
ingediend bij SVB/CVZ. Met SVB/CVZ werd
overeengekomen dat zij voor die proefpersonen een
beslissing op het bezwaarschrift zouden nemen, waartegen
dan vervolgens in beroep kon worden gegaan bij de
bestuursrechter, in dit geval de Raad van State. Dit
leidde tot een zitting over het keuzerecht bij de Raad
van State op 19 december 2006. Over de hoogte van de
bijdrage werden eveneens beroepschriften ingediend bij de
Raad van State. Deze zitting vond plaats op 27 maart
2007. Op dat moment had de Raad van State nog geen
uitspraak gedaan over het keuzerecht. Op 25 april 2007 deed de Raad van
State eindelijk uitspraak in beide zaken. In beide
gevallen werd tot een zeer teleurstellend en
onbegrijpelijk Niet ontvankelijk besloten.
Wel gaf de Raad van State aan dat bezwaar kon worden
gemaakt tegen de instanties die de heffingen uitvoerden,
in casu de SVB en CVZ. Inmiddels had de Nederlandse
overheid de Zorgverzekeringswet aangepast en kon, na het
opnieuw doorlopen van een formele bezwaarprocedure bij
SBV en CVZ, beroep worden aangetekend bij de
bestuursrechter in Amsterdam. Op 23 november 2007 vond de zitting
plaats bij de Rechtbank in Amsterdam, waarbij zowel het
keuzerecht als de hoogte van de bijdragen werd behandeld.
Op 1 februari 2008 heeft de Rechtbank uitspraak gedaan en
al onze eisen afgewezen. Gezien de zeer summiere en naar
de mening van de Stichting onjuiste uitspraak is besloten
beroep tegen deze uitspraak in te stellen bij de Centrale
Raad van Beroep in Utrecht. Overige maatregelen In de loop van het jaar werd
meerdere malen getracht in gesprek te komen met de
minister van VWS. Ook werd getracht in gesprek te komen
met een aantal kamerleden. De penningmeester heeft een
tweetal malen uitvoerig met een Tweede Kamerlid gesproken
en hem uitvoerig voorgelicht over de problematiek. Op 7 september 2007 werd de minister
schriftelijk, onderbouwd met diverse voorbeelden en
berekeningen, nog eens uitgebreid gewezen op de
problematiek en het inconsequente handelen van de
minister ten opzichte van zijn eigen publicaties. Ook de vaste commissie VWS van de
Tweede Kamer werd uitgebreid, schriftelijk, voorgelicht
over de diverse problemen met de Zorgverzekeringswet. Op 19 november 2007 hebben de
voorzitter en de penningmeester de SVB bijeenkomst Over
de grens bijgewoond. Getracht werd daar gehoor te
vinden voor onze problemen tijdens het politiek forum.
Helaas werd dit, na een aanvankelijke toezegging tot het
stellen van vragen, kortweg afgekapt. De PvdA
vertegenwoordiger, Ton Heerts, ging zelfs zover om
stellig te beweren dat er toch niets zou veranderen. Aan
het eind van die bijeenkomst werd de voorzitter benaderd
door een vertegenwoordiger van het ministerie met het
verzoek om nog in die week een gesprek te komen voeren op
het ministerie. Dit gesprek vond plaats op 22 november.
De gehele problematiek kwam uitgebreid aan de orde. Van
de zijde van het ministerie werd uitdrukkelijk gesteld
dat het keuzerecht niet aanvaardbaar was, omdat dat niet
zou worden toegestaan door de overige leden van de EU. De
overige zaken waren wel bespreekbaar, maar hebben (nog)
niet tot resultaat geleid. Aan het eind van de bespreking
werd het door de minister op dezelfde dag aan de Tweede
Kamer gepresenteerde Masterplan overhandigd
aan de voorzitter en de penningmeester. Uitvoerige bestudering van het
Masterplan gaf aan dat de minister op geen enkele wijze
rekening had gehouden met de eerder aan hem ter kennis
gestelde problemen. Dit gaf weer aanleiding tot een
tweetal uitgebreide reacties op dit Masterplan naar de
minister en de vaste commissie VWS, alsmede een aantal
kamerfracties. Ook werd getracht de pers te
interesseren voor onze problematiek. Diverse kranten en
weekbladen kregen kopieën toegestuurd van de stukken die
naar de minister en vaste commissie VWS zijn gestuurd.
Helaas was de reactie tot dusver teleurstellend. Financiën In het jaar 2007 werd 76.913
besteed aan gerechtelijke procedures en juridische
adviezen. Hiervan had circa 20.000 betrekking op
de procedures bij de Raad van State. De totale kosten
voor de procedures bij de Raad van State kwamen daarmede
op een bedrag van circa 110.000. Een aanzienlijk
deel van de door onze raadsheren in deze zaak verrichte
werkzaamheden kon worden aangewend voor de latere
procesvoering bij de bestuursrechter. Het resterende bedrag van circa
57.000 in 2007 had betrekking op de procedures bij
de Rechtbank in Amsterdam. De totale kosten van de Stichting in
2007 ten bedrage van 77.320 werden geheel door de
participanten, conform de daarover afgesproken
verdeelsleutel, gefinancierd. Het batig/nadelig saldo voor de
Stichting bedraagt derhalve 0. Voor de controle van de jaarstukken
werd door het bestuur benoemd de heer M.J. Hooft van
Huysduynen RA. Het bestuur
C.H. van der Wiel
J.P.J. Hueber
A. Kiffen F.H.J.J. Andriessen
J.C. Ramaer
J.K. Vreeswijk H.C.J. Hendriks 26 januari 2008 |